Stannah logo
Bel gratis een adviseur Uw Stannah adviseur staat steeds voor u klaar.
080026082

Ga op de rem staan: 10 signalen die erop wijzen dat het beter is om te stoppen met autorijden

Uw oudere familieleden willen zo lang mogelijk blijven autorijden. Begrijpelijk, het geeft hen een gevoel van onafhankelijkheid, de vrijheid om te gaan en staan waar ze willen. Toch komt er een moment waarop autorijden onverantwoord wordt. En u als mantelzorger een gesprek moet aangaan. Bereid u voor: want dit wordt zowel lastig voor u als pijnlijk voor de persoon die niet meer kan rijden. Toch is het noodzakelijk, voor de veiligheid van uw familielid én voor die van anderen.

Heeft u moeite met autorijden? Zorg dat u geen gevaar op de baan wordt.

Wanneer zijn ouderen té oud om met de auto te rijden?

In België is er geen maximumleeftijd waarop ouderen moeten stoppen met autorijden. (Enkel een minimumleeftijd van 18 jaar.)  Dit in tegenstelling tot Nederland. Daar moeten bestuurders van 75 jaar en ouder elke 5 jaar slagen voor een medische keuring.

Wat wel mogelijk is: als uw naaste door een fysieke of mentale aandoening niet meer veilig kan deelnemen aan het verkeer, zal het CARA (centrum voor rijgeschikheid en voortuigaanpassing) bepalen of hij nog mag autorijden.

U kunt ook zelf aanvoelen wanneer het voor uw (groot)moeder of (groot)vader tijd wordt om de auto te laten staan.

10 redenen om aan de alarmbel te trekken als uw moeder of vader:

  1. Veel ‘bijna’ ongelukken veroorzaakt.
  2. Zorgt voor deuken of krassen in de auto, het tuinhek, de garagepoort of de stoeprand.
  3. Soms verdwaalt, ook in vertrouwde omgeving.
  4. Verkeersborden, stoplichten en wegmarkeringen slecht herkent.
  5. Niet vlot omgaat met onverwachtse situaties. Door bijvoorbeeld niet snel genoeg te remmen.
  6. Moeilijk afstand kan inschatten bij bochten, kruispunten en op- en afritten van de snelweg.
  7. Gevaarlijke situaties veroorzaakt waardoor andere weggebruikers gaan toeteren of schreeuwen.
  8. Moeite heeft met zich focussen op de weg. En snel afgeleid raakt.
  9. Vergeet de spiegels te gebruiken en moeite heeft met keren.
  10. Uitzonderlijk veel verkeersboetes heeft.

Is één of meerdere van bovenstaande situaties van toepassing op uw familielid? Dan is het verstandig om zijn of haar rijvaardigheid opnieuw te laten testen. Een eenvoudige vuistregel is: stel uzelf de vraag: ‘Voel ik mij nog veilig in de passagiersstoel naast vader, moeder of geliefde?’

Waarom een opfriscursus van de rijvaardigheid kan helpen

Vooraleer u een definitief rijverbod oplegt, kunt u eerst nog een opfriscursus voor rijvaardigheid voorstellen. Ook een bezoekje aan de huisarts kan voldoende zijn om van klachten af te komen die de rijstijl negatief beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan concentratieproblemen of andere kleine lichamelijke klachten. Let wel op: sommige medicijnen hebben een slechte invloed op de rijvaardigheid.

Wat u kan doen als uw geliefde echt niet meer mag rijden.

Zit er echt niets anders op dan het intrekken van het rijbewijs? Probeer dan zoveel mogelijk te benadrukken dat uw familielid zijn of haar vrijheid niet verliest. Stel alternatieven voor, zoals een seniorenbus of carpoolen met vrienden of familie.

Belemmert een fysiek probleem de mobiliteit van uw dierbare? Overweeg dan een Stannah-traplift. Een traplift van Stannah geeft uw (groot)moeder of (groot)vader de bewegingsvrijheid in huis terug. Onze modellen zijn op maat gemaakt en onze adviseurs denken graag mee in elke situatie.